Andy Shepherd
Met Het wilde woud vol groene magie heeft Andy Shepherd wederom een verhaal vol magie geschreven dat je meeneemt naar de wondere wereld van fantasie. Een wereld waarin je naast verwondering, ook een aantal mooie thema’s voorgeschoteld krijgt. De belangrijkste is natuurlijk hoe de mensheid omgaat met de natuur, maar daarnaast gaat het ook over samengestelde gezinnen, familierelaties en vriendschap.
“De wijze waarop Shepherd dat beschijft is zo liefdevol, je voelt als lezer hoe deze twee broers elkaar direct accepteren en in de armen sluiten. Iets dat je eigenlijk alle kinderen in een samengesteld gezin gunt.”
In het begin van het verhaal gebruik Shepherd best een flink aantal hoofdstukken om de situatie omtrent de familie en het woud goed duidelijk te maken. Hierdoor mist het verhaal soms wat tempo. Maar wanneer je eenmaal helemaal omarmd bent door de takken en twijgen van het woud word je meegenomen in een avontuur dat spannend en meeslepend is en waarbij het plot niet direct voor het oprapen ligt.
Iggy en zijn broertje Kai zijn verhuisd en zijn een nieuw samengesteld gezin geworden. Iggy is dus voor het eerst een grote broer en dat vindt hij best wel lastig. Ze gaan wonen in het huisje van Sylvie middenin het Boomkroonwoud. Het woud zit vol met groene magie, maar aan de andere kant lijkt het met steeds meer bomen minder goed te gaan. Hierdoor is het bos gevaarlijk, aldus raadslid Doornhaag. Het kan beter plaatsmaken voor een speeltuin waar kinderen heerlijk onder begeleiding kunnen spelen. Veel veiliger.
Iggy en Kai krijgen, samen met hun buurmeisje Mae, steeds meer te zien van het woud. Ze ontdekken en ervaren steeds meer wat de groene magie betekent en gaan steeds meer van het woud houden. Wanneer ze langzaamaan steeds duidelijk krijgen wat er aan de hand is met de zieke bomen, willen ze in actie komen. Dit mag niet zomaar gebeuren, maar het is nog niet zo eenvoudig om de zieke bomen te helpen.
Als lezer van Het wilde woud vol groene magie is het onmogelijk om het Boomkroonwoud in je hart te sluiten. Het kan niet anders dat je van de bomen, planten en dieren gaat houden en de kinderen ook gunt dat ze woud weten te redden. Anderzijds blijven er nog wat losse eindjes over aan het einde van het verhaal. Waar je als lezer een tijdlang denkt dat het vervelende raadslid iets te maken heeft met de zieke bomen, blijkt zij uiteindelijk niet meer terug te keren in het verhaal. Zij diende enkel en alleen om de twee kampen duidelijker tegenover elkaar te zetten en de afstand te vergroten.
De relatie tussen Iggy en Kai is heel mooi beschreven. Waar Iggy heel onzeker is of hij wel een goede broer is voor zijn jonge bonusbroertje, is Kai juist helemaal vol van hem. De wijze waarop Shepherd dat beschijft is zo liefdevol, je voelt als lezer hoe deze twee broers elkaar direct accepteren en in de armen sluiten. Iets dat je eigenlijk alle kinderen in een samengesteld gezin gunt.
De illustraties zijn van de hand van Ellie Snowdon en hebben een belangrijk aandeel in het boek. Immers, het zit vol tekeningen, waardoor de bladspiegel luchtig is en het boek, ondanks de dikte, goed te lezen voor kinderen vanaf 8 jaar. Op iedere bladzijde zijn kleine tekeningetjes te zien en op een aantal staan zelfs paginagrote afbeeldingen.
Kortom, dit verhaal komt niet heel erg snel op gang, maar wanneer je eenmaal als lezer je intrek hebt genomen in het woud met al zijn wonderlijke bewoners zal je niet teleurgesteld zijn.

