Martine Letterie
Martine is in de geschiedenis van Zutphen gedoken en heeft dit prachtige boek geschreven over drie kinderen die hier tijdens de Tweede Wereldoorlog woonden. Bram, Sonja en David hebben allemaal hun eigen verhaal en Martine heeft dit zo prachtig beschrijvend vastgelegd. Alsof je op de schouder van deze kinderen zit en hun verhaal als het ware meebeleefd. De illustraties van Saskia Halfmouw nemen je mee terug in de tijd, waardoor je nog een extra beleving krijgt. Zo mooi en ontroerend zijn de verhalen dat je er na dit boek even stil van bent.
Door de drie verschillende kinderen te volgen laat Martine knap de verschillende perspectieven zien van de oorlog. Je leeft enorm mee met de kinderen en beleeft als het ware hun verhaal.
Op indrukwekkende wijze weet Martine het heden en het verleden in elkaar te vervlechten door de hoofdpersoon van het verhaal, Feline, onderzoek te laten doen naar de verhalen van Bram, Sonja en David. Feline verhuist met haar ouders naar Zutphen en ze gaan in het huis wonen waar haar opa vroeger woonde toen hij klein was. Achter haar bed ontdekt ze een luik met daarin een plakboek over de Tweede Wereldoorlog. Haar opa vertelt Feline dat zijn vader begonnen is met het verzamelen van verhalen over de oorlogstijd in Zutphen. Hij plakte deze verhalen in het plakboek, zo wilde hij de verhalen over de Tweede Wereldoorlog levend houden. Je kon aan de buitenkant van een huis niet zien wat er binnen gebeurd was. Opa laat een artikel zien dat hij heel indrukwekkend vindt. Een man die samen met zijn familie tien onderduikers in huis had gehad. Feline wilt hier meer van weten en gaat op onderzoek uit. Voor het huis van deze familie ontmoet ze Max. Een jongen met een ribfluwelen pet op die bij haar in de klas komt en hij maakt samen met zijn vriend Arne een krant. Max en Arne wonen in een straat waar vroeger een pettenfabriek stond, daarom hebben ze zichzelf de pettenclub genoemd. Arne maakt een artikel over de fabriek en Max over een adres dat ermee te maken heeft. Het huis van de familie van der Vegte.
Zo komen Feline en Max achter het verhaal van Bram. Een Joodse jongen die gedurende de oorlog, door alle regels en verboden van de Duitse bezetter, steeds minder mag en uiteindelijk met zijn familie moet onderduiken. Door onderzoek te doen bij de pettenfabriek horen ze het verhaal van Sonja. Sonja’s vader is Joods, maar haar moeder niet. Daarom loopt alleen haar vader gevaar. Haar vader zet alles op alles om de bezetter te slim af te zijn en komt daardoor in levensgevaarlijke situaties terecht. Het vriendinnetje van Sonja is spoorloos verdwenen. Het laatste verhaal is die van David. Samen met zijn familie komt hij in kamp Westerbork terecht. Maar toen zij terugkeerde uit het kamp ontdekten ze dat er andere mensen in hun huis woonden. David dacht dat alle moeilijkheden achter hun lagen nu ze terug konden naar huis, maar niets is minder waar.
Door de drie verschillende kinderen te volgen laat Martine knap de verschillende perspectieven zien van de oorlog. Je leeft enorm mee met de kinderen en beleeft als het ware hun verhaal. Hierdoor kun je je nog beter inleven en voel je de emoties die de kinderen ook gevoeld moeten hebben. Een niet te missen verhaal om te vertellen dat we zoiets verschrikkelijks nooit meer moeten laten gebeuren en we moeite moeten doen om elkaar te blijven begrijpen.

Leeftijd: vanaf 9 jaar
B-boek
Prijs: €17,99
Uitgever: Leopold
